Wat is er na de dood?

Na de dood is er de nooit eindigende eeuwigheid die je doorbrengt in de hemel of de hel. Dus dood is niet dood en afgelopen.

De rijke man en de arme Lazarus

De Here Jezus laat ons in Lukas 16 vers 19-31 een kijkje nemen in het hiernamaals. Lukas 16 vers 19-31 -> ‘Nu was er een rijk mens, en hij ging gekleed in purper en fijn linnen en vierde elke dag schitterend feest. Nu lag er ook een arme, Lazarus, aan zijn voorpoort, vol zweren, begerig zich te verzadigen met wat van de tafel van de rijke viel; maar zelfs de honden kwamen zijin zweren likken. Het gebeurde nu dat de arme stierf en door de engelen gedragen werd in de schoot van Abraham. De rijke nu stierf ook en werd begraven. En toen hij in de hades zijn ogen opsloeg, terwijl hij in de pijnen verkeerd, zag hij Abraham uit de verte, en Lazarus in zijn schoot. En hij riep de woorden: Vader Abraham, erbarm u over mij en zend Lazarus om de top van zijn vinger in water te dopen en mijn tong te verkoelen, want ik lijd smart in deze vlam. Abraham echter zei: Kind, bedenk dat u het goede hebt ontvangen in uw leven, en Lazarus evenzo het kwade; en nu wordt hij hier vertroost, maar u lijdt smart. En bij dat alles is er tussen u en ons een grote kloof gevestigd, zodat zij die van hier naar u willen overgaan, niet kunnen, en zij vandaar niet naar ons kunnen overkomen. Hij echter zei: Ik bid u dan, vader, dat u hem zendt naar het huis van mijn vader, want ik heb vijf broers, opdat hij ernstig tot hen kan getuigen, zodat ook zij niet komen in deze plaats van pijn. Abraham echter zei: Zij hebben Mozes en de profeten; laten zij naar hen luisteren. Hij echter zei: Nee, vader Abraham, maar als iemand van de doden naar hen toegaat, zullen zij zich bekeren. Hij echter zei tot hem: Als zij naar Mozes en de profeten niet luisteren, zullen zij, ook al stond iemand uit de doden op, zich niet laten overtuigen.’ Uit deze geschiedenis blijkt duidelijk wat ik al zei: na de dood is er de hemel of de hel. Het is onmogelijk na de dood van plaats te wisselen. Daarom moet je, voordat je sterft, weten waar je heen gaat. Om in de hel, de plaats van pijn te komen, hoef je niets te doen. Ieder die zich niet bekeert tot God en de Here Jezus Christus als Verlosser aanvaardt, komt in de hel. Maar ieder die gelooft in de Zoon van God gaat uit de dood over in het leven.

De Here Jezus is de opstanding en het leven

In een andere geschiedenis, met een andere Lazarus, wordt dat duidelijk. Lazarus, de broer van Martha en Maria is gestorven. Voordat de Here Jezus hem opwekt uit de dood zegt hij tegen Martha: ‘Ik ben de opstanding en het leven; wie in Mij gelooft, zal leven, ook al sterft hij’ -> Johannes 11 vers 25. Lazarus is hier een voorbeeld van wat met allen zal gebeuren die gestorven zijn, maar die tijdens hun leven voor de Here Jezus hebben gekozen. Van zulke mensen kan worden gezegd: ‘Gelukkig de doden die in de Heer sterven, van nu aan’ -> Openbaring 14 vers 13.

Luister naar Gods roepstem

Terug naar Lukas 16. Laat je waarschuwen door het lot van de rijke. Zijn naam wordt niet genoemd. Op aarde had hij nooit rekening gehouden met de dood en nooit nagedacht over het hiernamaals. Nu is hij gestorven en lijdt pijn. Je ziet dat de rijke zich volledig bewust is van de plaats waar hij is en hij voelt de pijn. Hij meent dat hij wel wat verlichting mag vragen van de pijn die hij leidt, maar het is onmogelijk iets te doen om de pijn draaglijker te maken. Dan heeft hij nog een wens ten aanzien van zijn familie. Als Lazarus toch eens naar hen toe mocht gaan, dan kon hij hen waarschuwen en dan zouden ze niet ook in die vreselijke plaats terecht hoeven te komen. Maar ook dat is niet mogelijk. Het grootste wonder, al zou het zijn dat iemand uit de dood zou opstaan, is niet in staat het hart van een mens tot bekering te brengen. Bekering kan alleen gebeuren door te luisteren naar het Woord van God. De stem van God wordt nog steeds gehoord waar mensen het bijbelse evangelie van genade prediken. Heb jij al gehoor gegeven aan Gods roepstem? ‘Heden, als u zijn stem hoort, verhardt uw harten niet’ -> Hebreeën 3 vers 7, want ‘zie, nu is het de welaangename tijd, zie, nu is het de dag van de behoudenis’ -> 2 Korinthiërs 6 vers 2).