Waarom is christendom het enige ware geloof? Wat is het verschil tussen het christelijk geloof en andere geloven?

Deze twee vragen hebben veel met elkaar te maken. Daarom ga op beide vragen tegelijk in. Een verhaaltje dat ik eens las zal je duidelijk maken waarom het christendom het enig ware geloof is en je tegelijk het verschil met enkele andere geloven laten zien:

Confucius

Een Chinees vertelde dat hij in een diepe put was gevallen. Hij deed geweldig zijn best om er uit te komen, maar het lukte niet. Eindelijk kwam Confucius (een chinese filosoof uit de oudheid) voorbij en sprak: “Mijn zoon, als je mijn lessen gevolgd had, zou je daar niet wezen.” “Dat weet ik wel”, huilde ik, “maar dat helpt mij nu niet. Help mij, dan zal ik uw voorschriften nakomen.” Maar Confucius vervolgde zijn weg. Mij liet hij in wanhoop achter.

Boeddha

Een ander keek over de rand van de put. Het was Boeddha. Hij kruiste de armen en zei: “Mijn zoon, als je alleen maar je armen kruist en je ogen sluit en in een toestand van volmaakte rust komt en onderwerping, dan zul je eens het Nirvana (het eeuwige niets) bereiken, evenals ik gedaan heb. Je moet je onverschillig betonen tegenover alle uiterlijke omstandigheden. Dan vind je de eeuwige rust.” Ik riep: “Verlos mij, vader, en ik zal doen wat u mij beveelt.” Maar Boeddha vervolgde kalm en onverstoorbaar zijn weg. Mij liet hij in de put!

Mohammed

Met driftige stappen naderde Mohammed, boog zich over de rand en keek in de put. “Man, wat zit je daar akelig… ben je bang? Niet bang wezen. ’t Is de wil van Allah, dat je daarin gevallen bent… bedenk dat! Wie kan zich tegen zijn wil verzetten? Spreek de belijdenis uit: ‘Allah is groot en Mohammed is zijn profeet.’ Blijf die belijdenis murmelen, totdat je mond voor eeuwig gesloten wordt en ga dan onder. Je zult in ’t paradijs dubbel genieten.” En Mohammed ging weg en hij redde mij niet uit mijn ellende!

Jezus Christus

Toen klonk een stem “Mijn zoon!” Toen ik naar boven keek, zag ik het gelaat van de Zoon des mensen vol liefde en tederheid. Geen verwijt kwam over zijn lippen. Hij daalde direct in de put af. Hij had zijn leven er voor over om mij te redden. Hij sloeg zijn armen om mij heen, tilde mij uit de put en zette mijn voeten op de vaste grond. Hij trok mij mijn vuile kleren uit en kleedde mij met zijn eigen kleed. Toen stilde Hij mijn honger en tenslotte sprak Hij: “Volg Mij, Ik zal je voortaan leiden!” “Daarom”, zo besloot de Chinees, “werd ik een christen.”

Geluk niet bereikbaar door eigen inspanning

De les die je uit dit verhaaltje kunt leren over het confucianisme, het boeddhisme en het mohammedanisme (of Islam) is ook van toepassing voor elke andere niet-christelijke godsdienst. Die les is dat elke niet-christelijke godsdienst van de mens een bepaalde inspanning vraagt om zichzelf te redden en dat hem dat niet lukt. Het is nog nooit iemand gelukt zichzelf op te werken tot een bepaald niveau om daar dan ‘het geluk’ te ervaren. Daarbij gaat het niet om voorspoed in dit leven. Als dat geluk zou heten, hebben heel wat goddeloze mensen heel wat geluk.

Echt geluk alleen verkrijgbaar door Jezus Christus

Nee, met ‘het geluk’ bedoel ik de zekerheid dat jouw leven nu al en tot in alle eeuwigheid geleefd mag worden in de gelukkige wetenschap dat je een kind van God bent. Tot dat niveau kan de mens zichzelf niet opwerken. De mens kan zichzelf niet verlossen. Alle pogingen daartoe, alle aansporingen daartoe baten niets. Alleen in het christelijk geloof wordt niet anders van de mens gevraagd dan te geloven dat God alles al gedaan heeft in zijn Zoon Jezus Christus. De Here Jezus heeft de plaats van de zondaar ingenomen. Hij is afgedaald in de diepte van een onpeilbaar lijden. Hij heeft vanuit die diepte ieder die gelooft, op zijn schouders meegenomen uit de put en gebracht aan het hart van God de Vader.

Het christelijk geloof uniek en exclusief

De Here Jezus alleen heeft het uitgeroepen aan het eind van zijn lijden op het kruis: ‘Het is volbracht’ -> Johannes 19 vers 30. Daarmee gaf Hij aan dat alles wat de Vader Hem had opgedragen om te doen, door Hem ook volmaakt tot een goed einde was gebracht. Wat geen mens kon doen, deed Hij. Daarom kan Hij zeggen: ‘Ik ben de weg en de waarheid en het leven; niemand komt tot de Vader dan door Mij’ -> Johannes 14 vers 6.

Die uitspraak maakt het christelijk geloof uniek en exclusief. Daar past niets anders bij. Alleen door de Here Jezus is het mogelijk om bij God de Vader te komen. ‘Allen die Hem [dat is de Here Jezus] hebben aangenomen, hun gaf Hij [dat is God] het recht kinderen van God te worden’ -> Johannes 1 vers 12.